Brand­vei­lig­heid in de zorg vraagt meer dan een plan


Hoe zorg­in­stel­lin­gen écht grip hou­den op vei­lig­heid voor pati­ën­ten en mede­wer­kers

In een zorg­in­stel­ling draait alles om men­sen. Kwets­ba­re men­sen, die niet altijd zelf­stan­dig kun­nen han­de­len wan­neer er iets mis­gaat. Dat maakt brand­vei­lig­heid in de zorg fun­da­men­teel anders dan in een stan­daard kan­toor­om­ge­ving.

Een brand­mel­ding in een zorg­in­stel­ling is geen logis­tie­ke uit­da­ging. Het is een ver­ant­woor­de­lijk­heid die direct raakt aan wel­zijn, ver­trou­wen en con­ti­nu­ï­teit van zorg.

Juist daar­om vraagt brand­vei­lig­heid in de zorg om meer dan alleen vol­doen aan regel­ge­ving.

1.   Eva­cu­a­tie­pro­ce­du­res die pas­sen bij de rea­li­teit

Op papier is eva­cu­e­ren over­zich­te­lijk, maar in de prak­tijk is het com­plex.

Niet iede­re pati­ënt kan zelf­stan­dig lopen. Som­mi­ge afde­lin­gen wer­ken met bed­ge­bon­den cli­ën­ten, en ande­re met men­sen die gedes­o­ri­ën­teerd of ver­min­derd zelf­red­zaam zijn. Daar­naast is er vaak spra­ke van nacht­dien­sten met mini­ma­le bezet­ting.

Een effec­tie­ve eva­cu­a­tie­pro­ce­du­re in de zorg houdt reke­ning met:

  • Ver­schil­len­de niveaus van zelf­red­zaam­heid
  • Gefa­seer­de of hori­zon­ta­le ont­rui­ming
  • Beschik­ba­re per­so­neels­ca­pa­ci­teit per dienst
  • Dui­de­lij­ke taak­ver­de­ling onder druk


De vraag is niet: “Heb­ben we een plan?”
Maar de ech­te vraag is: “Werkt dit plan ook om drie uur ’s nachts?”


2.  Brandrisico’s ver­schil­len per ruim­te

In zorg­in­stel­lin­gen komen uit­een­lo­pen­de func­ties samen onder één dak. En elke ruim­te brengt eigen risico’s met zich mee.

Denk aan:

  • Tech­ni­sche ruim­tes met instal­la­ties;
  • Keu­kens waar dage­lijks wordt gekookt;
  • Opslag van medi­sche mate­ri­a­len;
  • Oplaad­pun­ten voor elek­tri­sche hulp­mid­de­len
  • Was­ruim­tes met inten­sief gebruik.


Niet iede­re afde­ling vraagt dezelf­de maat­re­ge­len, daar­om vraagt brand­vei­lig­heid om maat­werk. Com­par­ti­men­te­ring, brand­we­rend­heid en instal­la­ties moe­ten aan­slui­ten op het daad­wer­ke­lij­ke gebruik.

Wat ooit ont­wor­pen is, kan in de loop der jaren ver­scho­ven zijn. Func­ties ver­an­de­ren, appa­ra­tuur wordt uit­ge­breid en opslag groeit onge­merkt.

Daar­om is peri­o­die­ke toet­sing geen for­ma­li­teit, maar een nood­zaak.


3.   Oplei­den en betrek­ken van per­so­neel

In de zorg is per­so­neel de sleu­tel tot vei­lig­heid. Zij zijn dege­ne die direct han­de­len en de pati­ën­ten ken­nen Zij maken in de eer­ste minu­ten het ver­schil.

Een brand­vei­lig­heids­or­ga­ni­sa­tie staat of valt met:

  • Goed opge­lei­de BHV’ers;
  • Regel­ma­ti­ge, rea­lis­ti­sche oefe­nin­gen;
  • Dui­de­lij­ke com­mu­ni­ca­tie­ka­na­len;
  • Ver­trou­wen in elkaars rol.


Wat we vaak zien, is dat mede­wer­kers inhou­de­lijk goed zijn opge­leid, maar zel­den samen oefe­nen in hun eigen gebouw. En juist die samen­wer­king onder druk bepaalt of een plan werkt.

Brand­vei­lig­heid moet onder­deel zijn van de cul­tuur. Niet als extra taak, maar als van­zelf­spre­kend onder­deel van pro­fes­si­o­ne­le zorg.


4.   Brand­vei­lig­heid als con­ti­nu pro­ces

Zorg­in­stel­lin­gen zijn voort­du­rend in ont­wik­ke­ling. Afde­lin­gen wor­den ver­bouwd, capa­ci­teit wordt uit­ge­breid, zorg­con­cep­ten ver­an­de­ren. Iede­re wij­zi­ging heeft invloed op risico’s en ver­ant­woor­de­lijk­he­den.

Opti­ma­le brand­vei­lig­heid bete­kent daar­om:

  • Regel­ma­tig toet­sen van de gebruiks­si­tu­a­tie
  • Eva­lu­e­ren van ont­rui­mings­plan­nen;
  • Actu­a­li­se­ren van plat­te­gron­den en pro­ce­du­res
  • Inte­gra­le afstem­ming tus­sen tech­niek en orga­ni­sa­tie.


Het is geen een­ma­lig pro­ject, maar het is een door­lo­pend pro­ces.


De rol van BVAN in de zorg

Voor zorg­in­stel­lin­gen biedt BVAN spe­ci­fiek de Ont­ruim­check voor de zorg aan.

Met deze check beoor­de­len we of de vlucht- en ont­rui­mings­vei­lig­heid in jul­lie zorg­ge­bouw daad­wer­ke­lijk aan­sluit op de hui­di­ge prak­tijk. We toet­sen of de orga­ni­sa­tie van de ont­rui­ming klopt, of ver­ant­woor­de­lijk­he­den hel­der zijn en of de uit­gangs­pun­ten pas­sen bij de mate van zelf­red­zaam­heid van pati­ën­ten en bewo­ners.

Daar­bij kij­ken we niet alleen naar het plan zelf, maar naar de uit­voer­baar­heid in de dage­lijk­se zorgre­a­li­teit. Werkt het ook bij mini­ma­le bezet­ting? Is de taak­ver­de­ling logisch? Sluit de orga­ni­sa­tie van de ont­rui­ming aan op de zorg­struc­tuur?

De Ont­ruim­check geeft inzicht, dui­de­lijk­heid en con­cre­te ver­be­ter­pun­ten. Geen the­o­re­tisch ver­haal, maar een prak­ti­sche beoor­de­ling van hoe de ont­rui­ming bin­nen jul­lie zorg­in­stel­ling is geor­ga­ni­seerd.


Dat ver­trou­wen ver­dient onder­bou­wing.


Lees meer over onze dienst: Ont­ruim­check voor de zorg of neem con­tact met ons op.